Weerbaarheid

 

Training weerbaarheid

Wat is het?

Het vergroten van de weerbaarheid van kinderen ( leeftijd van 12 t/m 16 jaar) om te voorkomen dat zij slachtoffer worden van machtsmisbruik en of zich schuldig maken aan intimiderend of grensoverschrijdend gedrag. Dit gebeurt door aanleren van nieuw of ander gedrag, zoals een respectvolle houding tegen anderen en het voorkomen van slachtoffergedrag.

De bedoeling is om nieuwe vaardigheden aan te leren. Zo verandert gedrag tegenover andere kinderen en worden ze weerbaar ook tegenover volwassenen.

De training is erop gericht slachtofferschap te voorkomen en in minder mate ook daderschap. Het richt zich op voorkomen (preventie) van machtsmisbruik en grensoverschrijdend gedrag t.o.v. kinderen, zowel door leeftijdsgenootjes als door volwassenen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om kindermishandeling, pesten, intimidatie op straat, thuis of elders en andere vormen van machtsmisbruik.

Voorbeelden van wat de kinderen op die leeftijd meemaken:

  • Ruzie maken

  • Elkaar pesten

  • Gepest worden

  • Bang zijn

  • Zich te groot gaan voelen voor sommige dingen
     

In de training leren de kinderen:

  • Opkomen voor zichzelf

  • Vertrouwen op eigen kracht

  • Worden gestimuleerd te vertrouwen op hun eigen gevoelens en intuïtie

  • Er wordt gewerkt aan een positief zelfbeeld, wilskracht en doorzettingsvermogen

  • Leren zich in te leven in gevoelens van anderen

  • Leren ze de grenzen van anderen onderkennen en respecteren

  • Leren weerstand te bieden aan negatieve groepsdruk


De bijeenkomsten zijn gericht op het aanleren van de volgende basisvaardigheden:

  • Gevoelens onderkennen: weten wat je voelt

  • Nee- gevoelens te uiten: laten weten als je iets niet wilt

  • Je lichaam laten spreken bij een nee- gevoel: niet alleen nee zeggen, maar ook nee laten zien

  • Eerst praten en of waarschuwen

  • Hulp vragen als je er alleen niet uit komt

  • Hulp bieden als een ander het nodig heeft

  • Inleven in een ander: opmerken wanneer je een ander kwetst
     

Training

Het OPDC ( gegeven door: Sandra Wenneker) verzorgt een training van 8 bijeenkomsten van drie kwartier. In een individueel gesprek worden de leerlingen gemotiveerd om deel te nemen aan de training. De trainer legt globaal uit welke doelen de training heeft. De verantwoordelijkheid voor het welslagen van de training ligt grotendeels bij de leerling.

In de bijeenkomsten leren de leerlingen nieuw of ander gedrag, zoals een respectvolle houding tegenover anderen en het voorkomen van slachtoffergedrag. De bedoeling is om nieuwe vaardigheden aan te leren Zo verandert gedrag tegenover andere kinderen en worden ze weerbaar ook t.o.v. volwassenen.

Als de bijeenkomsten hun doelen bereiken, betekent dit dat;

  • De eigenwaarde van de leerling groter is

  • De leerling hun eigen gevoel (her)kennen, in staat zijn het te verwoorden en weten dat anderen ook gevoel hebben

  • Leerlingen duidelijk kunnen communiceren met anderen

  • Leerlingen weten wanneer ze hulp moeten vragen

  • Ze gevaarlijke situaties kunnen herkennen en deze in kunnen schatten

  • Ze zich kunnen inleven in de ander

  • Ze negatieve groepsdruk kunnen weerstaan

  • Ze zich verbaal en non-verbaal kunnen weren in ongewenste en dreigende situaties
     

Samengesteld door: Sandra Wenneker OPDC dienstencentrum sociaal emotioneel
  

Ortho Pedagogisch Didactisch Centrum  Zuidoost Drenthe  2010   |   Disclaimer