|
Inleiding
Het
syndroom van Asperger is een autisme verwante
contactstoornis, die valt onder de pervasieve
ontwikkelingsstoornissen, voor het eerst beschreven door dr.
Hans Asperger in 1944. Het wordt ook wel Aspergersyndroom of
Asperger genoemd.
Het syndroom is vernoemd naar de Oostenrijkse psychiater en
kinderarts Hans Asperger, die in 1944 een proefschrift
schreef over het verschijnsel. Veel wetenschappers
beschouwen Asperger inmiddels als een vorm van
hoogfunctionerend autisme. |
| |
|
Asperger en het autismespectrum
Asperger
wordt tot het autismespectrum gerekend. Zoals bij andere
stoornissen uit dit spectrum is er sprake van een onhandige
motoriek, moeite met lezen van sociale situaties, gebrek aan
inlevingsvermogen en empathie, moeite met veranderingen, een
neiging tot vaste gewoonten, een voorkeur voor bezigheden en
interesses met sterk herhalende of systematische elementen,
obsessief gedrag en makkelijk opgaan in een fantasiewereld.
Belangrijke verschillen met klassiek autisme zijn de
praktisch normale taalontwikkeling, de normale of zelfs hoge
intelligentie en de normale neiging contacten met anderen te
leggen (hoewel dat doorgaans niet lukt). Het syndroom van
Asperger wordt om deze redenen vaak tot het mildere eind van
autismespectrum gerekend. Vaak worden mensen met het
syndroom van Asperger de tijd voor diagnose als een normaal
persoon beschouwd, maar vaak wel als iemand die excentriek,
wereldvreemd of een einzelgänger is. Afhankelijk van de
visie van het diagnosecentrum zal iemand met het syndroom
van Asperger de diagnose “autismespectrumstoornis”, syndroom
van Asperger, hoogfunctionerende autisme of PDDNOS kunnen
krijgen. Al deze diagnoses vallen binnen het autismespectrum
en hebben dus bepaalde eigenschappen met elkaar gemeen.
Mensen met
Asperger Syndroom hebben problemen met
-
sociale interactie
-
communicatie
-
flexibiliteit in het denken; d.w.z. weinig verbeelding,
zeer intense of enge interesses, erg vasthouden aan
routines, weerstand tegen veranderingen
Bijkomende probleemgebieden:
-
motorische vaardigheden
-
schoolse- werkervaringen
-
zelfredzaamheid
-
emotionele kwetsbaarheid
Sterke
punten:
- goed
mechanisch geheugen
-
toegespitste specifieke interesses
-
uitgebreide woordenschat
-
geavanceerde kennis of vaardigheden op gebied van
techniek en wetenschap
|
| |
|
Kenmerken
1. Sociale
beperkingen
- het
deelnemen aan sociale activiteiten en het maken van
vrienden
- het
omgaan met groepen
- mensen
begrijpen
-
wanneer vriendschap faalt
- het
onderbreken
-
onbeschoft lijken
Mensen met
het syndroom van Asperger kunnen binnen de sociale context
moeilijk tussen de regels lezen. Ze beseffen vaak niet
intuďtief wat sociaal aanvaard is en vinden niet altijd de
juiste toon of mimiek om hun eigen emotionele toestand te
uiten.
Ze zijn er
vaak slecht in om letterlijke en figuurlijke taal uiteen en
om iemands lichaamstaal te lezen. Ze kunnen moeilijk
inschatten wanneer ze aan het woord moeten/kunnen komen in
een gesprek en wanneer niet. Metaforen zijn voor mensen met
Asperger vaak moeilijker te begrijpen, terwijl hun eigen
metaforen juist voor de omgeving onbegrijpelijk zijn. Als
indirect gevolg daarvan hebben ze in mindere of meerdere
mate last van gedachteblindheid, terwijl ze van de andere
kant vaak met een origineel idee kunnen komen. Deze
beperkingen zijn door inzet van het verstand en oefening na
loop van jaren vaak wel min of meer te compenseren en zo
leert men gedurende zijn adolescentie gemakkelijker met
mensen om te gaan. Ook het spelen met niet-letterlijk
taalgebruik is te leren en zo kunnen ze zelfs humoristisch
spreken. Op lees- en schrijfvaardigheid presteren mensen met
Asperger gemiddeld of bovengemiddeld. Wat sociale
vaardigheden betreft loopt kennis meestal voor op de sociale
ontwikkeling en de praktische vaardigheden. Groot verschil
tussen IQ en EQ. Meestal is het IQ normaal of boven
gemiddeld en is het EQ onder het gemiddelde. Zodra het IQ
stijgt, gaat dit ten koste van de EQ. Als hij of zij zich
minder concentreert op zijn intellect en intelligentie, kan
dit soms juist weer gunstig werken op de sociale emotionele
vaardigheden.
2. Opgaan in afwijkende
interesses
-
motivatie
-
persoonlijke organisatie
-
concentratie en de leeromgeving
-
overafhankelijkheid
-
problemen met het opschrijven van teksten
- zich
herinneren
-
huiswerk; maken of niet maken
Mensen met
het syndroom van Asperger kunnen intense preoccupaties
koesteren. De precieze interesse verschilt per persoon; vaak
is deze sterk gespecialiseerd en maakt op buitenstaanders
een willekeurige indruk. Verzamelwoede komt veel voor.
Kenmerkend voor Asperger is niet zozeer wat de precieze
interesse is, maar vooral de intensiteit waarmee men zich
ermee bezighoudt. Iemand met Asperger wisselt, tijdens zijn
kinderjaren, een paar keer van interesse. In de puberteit
komt de definitieve interesse gewoonlijk vast te liggen.
Opvallend is wel dat een groot aantal Asperges hierbij vaak
voor technische, wetenschappelijke, systematische en
bčtavakgerelateerde interesses kiezen; vaak typische
“manneninteresses”. Dergelijke interesses bieden een
kunstmatig geordende wereld, die iemand met Asperger uitstel
geeft van de onvoorspelbare en onhandelbare wereld. Het
geeft een doel, een uitdaging en bevrediging waarvan men de
regie volledig zelf in de hand heeft.
Mensen met
het syndroom van Asperger hebben het moeilijk met de
zingeving van hun leven, en religies zijn vaak moeilijk
vanwege de grotere neiging naar het wetenschappelijke en de
vaak rationele ingesteldheid van de persoon met Asperger. Ze
hebben doorgaans weinig geduld voor wat zich buiten hun
interesses afspeelt. Op school worden ze gezien als
hoogbegaafd omdat ze duidelijk beter presteren dan hun
leeftijdsgenoten in hun interessegebieden.
3.
Dwangmatig handelen
-
dwangmatige gespreksonderwerpen
-
aandringen op regels
-
fobieën
- de
manier veranderen waarop de dingen worden gedaan
-
voorbereiden op veranderingen
Veel mensen
met Asperger hebben moeite realistische eisen aan zichzelf
te stellen. Vaak wordt een interesse of handeling gekozen
die te hoog gegrepen is. De belangstelling voor het
onderwerp is in grote mate aanwezig, maar het overzicht, het
inzicht in de essentie, ontbreekt. Extreem doorgevoerd kan
dit gedrag leiden tot sociale gedragsstoornissen en
emotionele afzondering. Het is ook obsessief en dwangmatig.
Anderzijds kan de enorme gedrevenheid, geduld en extreme
fixatie en concentratie op het oplossen van een bepaald
probleem, het willen begrijpen van een complex geheel of het
willen bereiken van een bepaald beoogd doel bijzondere
resultaten of prestaties opleveren.
4. Bijzonder taalgebruik
- niet
antwoorden op instructies
- het
begrijpen van de taal van volwassenen
-
letterlijke interpretatie
- het
gebruiken van te weinig of te veel gebaren
- te
luid of te vlug praten
-
repetitief vragen
Mensen met
het syndroom van Asperger staan bekend om hun manier van
spreken ( te stil, te luid of te traag). Hun taalgebruik is
vaak opvallend formeel en barok voor de gegeven situatie;
ook komen ze vaak autoritair over, door de stelligheid van
hun uitspraken en vaak een eentonige uitspraak. Ze kunnen
vaak erg lang over hun specialisme blijven praten terwijl de
ander eigenlijk al geen interesse meer voor toont. Ze kunnen
uitblinken in spelling en genieten van dictees en van het
uitleggen van spelling- en grammaticaregels, ze kunnen lezen
en voorlezen als kinderen die jaren ouder zijn; dit alles
staat los van de inhoud van de tekst, die ze misschien niet
eens begrijpen. Ze kunnen wel moeite hebben met het op gang
houden van een gesprek. Het kan voorkomen dat ze even niets
meer weten te zeggen en niet of slecht uit hun woorden
kunnen komen. Wanneer ze moet praten over koetjes en kalfjes
zal hij sneller vastlopen dan wanneer het over een van zijn
interessegebieden gaat of een ander zakelijk onderwerp. De
gesproken taal is voor hen hetzelfde als de geschreven taal.
Soms komt het voor dat ze eerder monologen dan dialogen
houden en hardop tegen zichzelf praten i.p.v. tegen een
ander. Ook het praten tegen voorwerpen kan soms voorkomen.
Echolalie evenals palilalie komen voor.
5. Emotionele bijzonderheden
- het
ontwikkelen van zelfcontrole
- angst
-
frustratie en stemmingswisselingen
-
zelfbewustzijn en zelfinzicht
-
depressie
Ze hebben
het soms moeilijk emoties van anderen te plaatsen, de
subtiele boodschappen door gelaatsuitdrukkingen, oogcontact
en lichamelijk contact. Ze zijn sterk egocentrisch, maar
lang niet altijd egoďstisch. Ze zijn vaak emotioneler dan
anderen, maar hun vermogen om deze emoties te kanaliseren en
op maatschappelijk aanvaardbare manier te uiten, ontbreekt.
Bedoelingen opnemen en de vorm om hun eigen bedoelingen te
uiten, is moeilijk te realiseren. Mede doordat veel mensen
met Asperger dit juist wel goed inzien en het besef wel
aanwezig is wanneer iets aanvaardbaar of juist afwijkend
overkomt, vinden zij vaak alternatieve strategieën en geven
zij vaak blijk van gevorderde mogelijkheden om gewoon gepast
en ogenschijnlijk normaal te reageren naar anderen. Wanneer
zaken op een onverwachte manier gaan, kunnen ze last krijgen
van emotionele spanningen. Terugtrekken, vluchtgedrag,
kwaadheid, agressie, paniek of een huilbui kan dan bij
sommigen het gevolg zijn. Voor de buitenwereld zijn deze
reflexen en uitingen niet altijd te begrijpen. |
| |
|
Asperger Syndroom in de klas
- regels
moeten duidelijk en eenduidig zijn
- ga
niet in discussies
-
ongewenst gedrag direct stoppen
- bij
buitenschoolse activiteiten kind aan volwassenen
koppelen
- houd
het kind in het hier en nu, geef geen ruimte voor
fantasieën
- trek
de aandacht bij het geven van instructie door het kind
bij de naam te noemen
-
gebruik eenduidige taal bij instructie, geen
woordspelingen
- geef
uitdagende opdrachten
- laat
het kind niet samenwerken
- maak
gebruik van sterke visuele kant
Ze hebben
een diversiteit aan zintuiglijke, ontwikkeling- en
psychologische bijzonderheden. Fijn motorische vaardigheden
kunnen vertraagd zijn en er kan sprake zijn van merkwaardige
manier van wandelen of een gepreoccupeerde manier van
vinger, hand, arm- of beenbewegen. Motivatie speelt een
grote rol. Wanneer ze een bepaalde sport of muziekinstrument
als interesse maken kunnen zij ineens op dat deelgebied wel
uitblinken. Wat betreft sport en spel kiezen ze vaak voor
individuele en solistische sporten, activiteiten.
Ze denken extreem visueel en concreet en zijn beelddenkers.
Alles wat ze visueel waarnemen slaan ze soms bijna
letterlijk als foto’s en video’s op en ook het ruimtelijk
inzicht is soms zeer sterk ontwikkeld. Dit gaat op zolang
het overzicht aanwezig is. In een nieuw gebouw of nieuwe
omgeving kunnen ze soms totaal verdwalen of in paniek raken
wanneer er geen duidelijke plattegrond aanwezig is. Ook al
kunnen sommigen extreem goed kaartlezen, als de
werkelijkheid soms maar een klein detail afwijkt van de
kaart, kan dit grote verwarring, paniek of frustratie bij
diegene veroorzaken. Anticiperen en dingen rustig creatief
oplossen zijn dingen die niet vanzelf gaan, en die ze moeten
leren. Het lange termijngeheugen werkt soms anders bij
Aspergers. Ze onthouden soms minder de gebeurtenissen in een
“totaalverhaaltje”, maar eerder in losse opeenvolgingen van
zeer gedetailleerde scčnes. Ze kunnen zich dan
gebeurtenissen of details herinneren waarvan wij het
opmerkelijk vinden dat ze dit nog helder weten.
Overprikkeling en overgevoeligheid voor tast, geluiden en
smaken zijn mogelijk. Deze overgevoeligheid leidt ertoe dat
ze zich slechter kunnen concentreren. De gevoeligheid voor
onregelmatige prikkels is vaak groter dan voor regelmatige.
Sommigen zijn zelfs extreem gevoelig voor harde geluiden of
sterke geuren, of houden er niet van aangeraakt te worden.
Het tikken van een klok of het druppelen van een kraan kan
leiden tot razernij. Te fel licht, knipperend licht zoals
tl-verlichting en te felle kleuren kunnen letterlijk een
marteling zijn. Veel mensen met Asperger hebben moeite om
geluid te filteren in een lawaaiige omgeving waardoor ze
andere mensen in die omgeving niet goed kunnen verstaan. Ook
onderprikkeling is mogelijk, ze reageren dan niet op
bepaalde prikkels zoals hevige pijnen.
Mensen met het syndroom van Asperger ervaren vaak problemen
in de sociale relaties met leeftijdgenoten. Dikwijls zijn ze
de “studiebollen zonder vrienden”, die vaak alleen spelen en
weinig bezig zijn met vriendjes maken, of dit wel proberen,
maar zonder resultaat. Enkele voorbeelden; Alleen rondlopen
op het schoolplein, altijd in gedachten verzonken zijn en
altijd met de eigen interesses bezig zijn, soms met en soms
zonder geďnteresseerde toeschouwers om hem of haar heen. Ze
kunnen zich goed alleen vermaken, zonder hulp of meedoenerij
van anderen, soms komt het ook voor dat ze een gefantaseerd
vriendje voor zichzelf creeëren, in een eigen fantasiewereld
of in de echte wereld( bv een knuffel, huisdier of een
object behorend bij de hobby/interesse.
Vaak zijn ze het mikpunt van pesterijen op school door hun
afwijkend gedrag, taal, interesse en hun beperkte
mogelijkheden om sociaal aangepast gedrag te vertonen en
niet of op onverwachte wijze op non-verbale signalen te
reageren. Vaak zijn ze niet bewust dat ze gepest worden of
werden, en geloven dat hun pesters hun vrienden zijn,
terwijl anderen meteen zien dat deze “vrienden” achter hun
rug hem of haar uitlachen. Er zijn ook kinderen of jongeren
die in hevige en diepe depressies raken omdat ze bijna
doodgepest worden. (zie ook de film: Ben X).
Doordat ze
vaak meer in hun eigen wereld leven en vaak meer met
zichzelf bezig zijn dan anderen, hebben ze minder interesse
in de buitenwereld en zullen zich niet zoals anderen
automatisch gaan bezighouden met de wereld om hen heen. Vaak
denken ze dat alles gebaseerd is op het leren in de les, en
ontbreekt het besef dat sommige dingen nou eenmaal niet op
school standaard voorgedragen worden, maar al nadenkend
tijdens het leven vanzelf in gedachten ontdekt, geleerd of
uitgevonden moeten worden.
Kinderen met het syndroom van Asperger nemen dingen vaak
extreem letterlijk en hebben het moeilijk om sarcasme en
cynisme op te pikken. Het kan ook zijn dat men gelooft dat
iemand niet serieus bezig was, terwijl dat net wel zo
bedoeld was of andersom, dat ze denken dat een grap serieus
bedoeld was.
Vaak zijn ze niet bewust van wat er verkeerd is gegaan en
hoe. Zij die zich wel bewust zijn van fouten, hebben dat
heel vaak pas later door. Toch is het ook mogelijk om het
sarcasme te zien, maar gewoon simpelweg te negeren en zo
conflict te vermijden.
Ze zijn aanvankelijk heel actief sociaal zoekend, maar
naarmate hun beperkte sociale vaardigheden hun tegenslagen
opleveren, zullen ze zich terugtrekken en uiteindelijk
antisociaal gedrag vertonen.
De
combinatie van beperkingen en uitzonderlijke mogelijkheden
die deze camoufleren kan soms leiden tot problemen met
leraren of medeleerlingen. Sommige kinderen negeren of
beseffen soms niet hun autoriteit. Ze behandelen iedereen
dan een beetje hetzelfde, los van hun sociale positie.
Ze gaan bij leraren vaak door voor “probleemleerling”. De
beperkte tolerantie voor opdrachten zonder uitdaging maken
dat het kind een lagere frustratiedrempel heeft en arrogant
en ongedisciplineerd kan overkomen. Het kind kan als gevolg
daarvan agressieaanvallen en vluchtgedrag vertonen.
Mensen met het syndroom van Asperger hebben een extreem
moreel gevoel en zullen minder snel geneigd zijn om dingen
te doen die niet mogen en juist wel respect hebben voor
gezaghebbende zoals leraren en directie. Het komt vaak voor
dat ze een “voorbeeldleerling” zijn omdat ze zich meer dan
anderen aan de regels houden en goede resultaten halen. Dit
extreme morele besef kan ook juist tot uiting komen wanneer
deze leerling doorgaat als probleemleerling met veel
gedragsproblemen. Bijvoorbeeld door spontaan uit zichzelf
strafregels te gaan schrijven of zelfstandig naar de
directeur te gaan stappen en overdreven te gaan “biechten”.
“Ik verdien dit!” gebruiken ze dan vaak als motivatie en
soms hebben ze dus ook een sterk rechtvaardigheidsgevoel
(overdreven
Hoewel het leren op school vaak geen probleem is, kunnen er
wel problemen ontstaan bij stages of opleidingen met weinig
structuur zoals lesmethoden waarin niet klassikaal les wordt
gegeven. De stap om naar de leraar te stappen kan voor ze
een grote stap zijn en ook de ontbrekende structuur kan voor
problemen zorgen. Ook de meer praktische kanten van het
leren kunnen soms een obstakel vormen. Ze hebben
bijvoorbeeld meer moeite met het leren autorijden en halen
daarom hun rijbewijs later dan veel anderen. Ze kunnen heel
moeilijk tegelijk een gesprek houden terwijl ze aan het
rijden zijn, en rijden het liefst alleen. Juist het drukke
verkeer wordt als een onvoorspelbare en chaotische
buitenwereld ervaren waar ze zich vaak niet thuis voelen. |
|
|
|
Volwassenheid
Het komt bij veel
mensen voor dat ze oppervlakkig gezien, zich net zo normaal
ontwikkelen als ieder ander. Pas als heel subtiel naar de
persoon gekeken wordt en of de persoon uitgebreid
psychologisch onderzocht wordt, blijkt dat er iets aan de
hand is.
Mede hierdoor krijgen veel mensen met Asperger pas relatief
laat een juiste diagnose. Ook kan het voorkomen dat het
kennis krijgen van de betekenis van Aspergersyndroom of
autisme, al voldoende is om te weten dat de persoon het
syndroom van Asperger heeft.
Een andere oorzaak van late diagnosticeren of onderkenning
is dus algemeen onbekendheid van de stoornis.
Het komt
regelmatig voor dat de persoon met Asperger eerder een
zelfdiagnose doet, door bijvoorbeeld door lezen van boeken
of informatie internet voordat zijn omgeving het door heeft.
Veel van deze mensen ervaren teleurstelling in de
onderkennis en onkunde van de psychiatrische en medische
hulpverlening.
Veel mensen met het Aspergersyndroom erkennen hun
beperkingen en proberen zich aan te passen. Het lukt
volwassenen met het syndroom van Asperger vaak, ook al
hebben ze geen diagnose, zelf hun aanpassingsprocedure te
regelen, zonder behandeling. Ze ervaren dezelfde problemen
als veel mensen met autisme. Het verschil is dat mensen met
het syndroom van Asperger op volle toeren hun hoge
intelligentie gebruiken om het aanpassingsproces te
ontwikkelen, in tegenstelling tot lager functionerende
autisten die soms levenslang hulpbehoevend onaangepast
blijven.
Zo kunnen ze opgaan in hun interesse hier zeer bedreven in
zijn, maar doen ze ook eenvoudige dingen in het huishouden
soms langzaam. De vaat doen bijvoorbeeld vergt meer moeite
wat soms de verkeerde indruk geeft dat iemand met het
syndroom van Asperger lui is. Een dagschema kan hun leven
vergemakkelijken. |
| |
|
Huisvesting
Wat betreft
huisvesting zijn de meeste volwassenen in staat om
zelfstandig te wonen, hoewel sommigen tijdelijk of
gedeeltelijke kiezen voor bepaalde externe ondersteuning,
zoals begeleid wonen, interieurverzorging, administratie,
financiën. Vooral het begin van zelfstandig wonen, kan enige
spanningen bij ze teweeg brengen omdat ze nog “ingewerkt”
moeten worden in het beheren van huishouden en het lastig
kan zijn om op eigen initiatief dingen uit te gaan zoeken,
te gaan telefoneren, dingen te gaan regelen.
Ze hebben meer moeite met nieuwe omgevingen en veranderingen
van leefsituaties, waardoor soms sterke heimwee kan
ontstaan. Zodra ze een zeker routine hebben aangeleerd, is
het vaak ineens ‘appeltje eitje” en stelt de
moeilijkheidsgraag niet zoveel meer voor. Routine,
herhaling, kennis van zaken hebben en het weten en beheersen
van dingen zorgt altijd voor meer rust in het hoofd van
iemand met het syndroom van Asperger.
Beschermd wonen of 24-uurs of 1-op-1 begeleiding komt bij
Aspergers niet zoveel voor. |
| |
|
Werk
De interesses in hun
kindertijd kunnen mogelijk, mensen met Asperger, een
betaalde baan opleveren, al blijven de sociale beperkingen
vaak een niet te onderschatten drempel tot slagen. Ondanks
hun vaak “geleerde” taalgebruik, veel algemene kennis en
normale tot hoge intelligentie ondervonden ze grote
moeilijkheden om een betaalde baan te krijgen en te
behouden. Ze kunnen een opleiding met succes afronden, maar
scoren vaak onvoldoende op een sollicitatiegesprek of
persoonlijkheidstest, of ervaring, als ze desondanks toch de
betrekking krijgen, veel misverstanden of pestgedrag op het
werk. Ook worden ze dikwijls ontslagen zonder dat ze goed
begrijpen waarom.
In werksituaties zijn het vaak gedreven en soms harde
werkers, in de zin dat ze niet of weinig kletsen met andere
collega’s, zich niet af laten leiden door het sociale
gebeuren om hen heen en hierbij vaak gewoon stug doorgaan
met werken, zonder onderbrekingen. Wanneer het werk vooral
fysieke/motorische en of veel wisselende handelingen
betreft, kan soms onhandigheid optreden. Een aantal mensen
traint hierbij soms voortdurend zichzelf om hun zwakke
plekken te verbeteren en te verbergen. Dit trainen kost tijd
en moeite. Veel mensen gaan voor kwaliteit en perfectie,
maar minder voor kwantiteit en snelheid. |
| |
|
Relaties
Veel mensen met
Asperger ervaren grote moeilijkheden een partner te vinden
of raken gescheiden om veel redenen buiten hun wil. Velen
blijven levenslang alleenstaand en hebben nog nooit een
relatie gehad. Dit kan een bewuste keuze zijn, maar er is
vaak tegen hun wil in. Zelfs als ze zich er hard voor
inspannen, slagen vele Aspergers er in hun hele leven niet
in een partner te vinden, laat staan te trouwen en kinderen
te krijgen. Zelfs tot op latere leeftijd ervaren veel mensen
dat ze niet behoren tot de wereld rondom hen. Veel mensen
leven als “einzelgänger” en hebben zichzelf er mee verzoend
om maar voor de rest van hun leven alleen te blijven.
Er zijn ook volwassenen die trouwen, kinderen krijgen, een
gelukkig gezinsleven ervaren, een universitaire titel
krijgen en een goed betaalde baan hebben. Toch komt dat vaak
door veel zelfkennis, een focus op hun mogelijkheden, en
aanpassingen door de omgeving. |
| |
|
DSM-criteria
Het DSM-IV geeft de
volgende criteria
A.
Kwalitatieve tekortkomingen in de sociale interactie, wat
blijkt uit minimaal twee van de volgende criteria:
-
Duidelijke tekortkomingen in meerdere vormen van
niet-verbaal gedrag, bijvoorbeeld rechtstreeks
oogcontact, gelaatsexpressie, lichaamshouding en gebaren
in sociale context.
-
Onvermogen tot het aangaan van relaties met
leeftijdgenoten die passend zijn bij het niveau van
ontwikkeling.
- Het
ontbreken van het spontaan delen van vreugde, interesses
of prestaties met anderen.
- Gebrek
aan sociale of emotionele wederkeurigheid.
B. Beperkte
herhaalde en stereotype gedragspatronen, interesses en
activiteitenpatronen, wat blijkt uit minimaal een van de
volgende criteria:
-
Overheersende preoccupatie met een of meer stereotiepe
en beperkte interessepatronen die afwijkends is in
intensiteit of aandachtsgebied.
-
Duidelijk inflexibel vasthouden aan niet-functionele
routinehandelingen of rituelen.
-
Stereotiep en herhaalde motorisch gedrag, bijvoorbeeld
fladderen of draaien van handen of vingers of complexe
bewegingen met het hele lichaam.
-
Duidelijk preoccupatie met delen van voorwerpen.
C.De
aandoening leidt tot klinisch significante tekortkomingen op
sociaal of beroepsmatig gebied of op andere belangrijke
terreinen.
- D. Er
is geen klinisch significante achterstand in de
taalontwikkeling, bijvoorbeeld woorden op tweejarig
leeftijd, zinnen op driejarige leeftijd.
- E. Er
is geen klinisch significante achterstand in de
cognitieve ontwikkeling of in de ontwikkeling van
zelfhulpvaardigheden, aanpassingsgedrag, (sociale
interactie niet meegerekend) en de nieuwsgierigheid naar
de omgeving.
- F. Er
is niet voldaan aan de criteria voor een andere
pervasieve ontwikkelingsstoornis of schizofrenie.
|
| |
|
Volharding
Kinderen met het
Asperger Syndroom worden gemakkelijk overstelpt door de
kleinste verandering: zijn erg gevoelig voor spanningen in
de omgeving: soms houden ze zich bezig met een reeks van de
steeds dezelfde handelingen. Ze zijn angstig en neigen
ernaar zich bezorgd te maken door steeds dezelfde gedachten
te hebben wanneer ze niet weten wat er te wachten is.
Spanningen, vermoeidheid en een overvloed van zintuiglijke
waarnemingen brengt hun gemakkelijk uit balans. |
| |
|
Hoe te
handelen
- Zorg
voor een voorspelbare en veilige omgeving
- Zorg
voor zo weinig mogelijk veranderingen
- Zorg
voor een gelijkblijvende dagelijkse gang van zaken. Het
kind met Asperger Syndroom moet dagelijkse gang van
zaken begrijpen en weten wat er te verwachten is, om in
staat te zijn zich te concentreren op de opdracht waar
hij mee bezig is.
-
Vermijdt verrassingen: Bereidt het kind van te voren
grondig voor als er speciale activiteiten zijn of
verandering in de dagelijkse activiteiten, hoe klein
ook.
-
Verminder vrees voor het onbekende door het kind kennis
te laten maken met de nieuwe activiteit of de nieuwe
leraar of de nieuwe klas of school of kamp etc. Doe dat
dan van te voren en zo spoedig mogelijk nadat hij of zij
verteld is over de verandering, om dwangmatige
bezorgdheid te vermijden.
|
| |
|
Zwakke sociale interacties
Kinderen
met Asperger Syndroom zijn niet voldoende in staat de
ingewikkelde regels van sociale interactie te begrijpen; ze
zijn naďef; ze zijn erg op zichzelf gericht; ze hebben
mogelijk een hekel aan lichamelijk contact; ze praten tegen
iemand maar niet met iemand; ze begrijpen grapjes niet; hun
stem is monotoon of hoogdravend; hun gelaatsuitdrukking en
lichaamstaal is niet passend; ze zijn ongevoelig en missen
tact; ze vatten sociale wenken verkeerd op; ze kunnen
sociale afstand niet goed beoordelen; ze zijn slecht in
staat een gesprek te beginnen of in stand te houden; hun
spraak is goed ontwikkeld, maar hun vermogen om te
communiceren is slecht; ze krijgen soms het etiket “kleine
professor” omdat hun stijl van spreken zo volwassen en
verwaand lijkt; er is makkelijk misbruik van hen te maken (
ze merken niet dat anderen soms tegen hen liegen of hen
bedriegen); meestal willen ze graag deel uitmaken van de
sociale wereld. |
| |
|
Hoe te
handelen
-
Bescherm het kind tegen plagen en pesten
- Als
het kind, sociaal gezien, erg zonderling is, is het goed
de sociale problemen die hij of zij heeft, aan de
leeftijdsgenoten te beschrijven als een echte handicap.
- Prijs
klasgenoten wanneer ze hem of haar met medeogen
behandelen. Dit kan voorkomen dat ze zondebok worden
terwijl het meeleven en meevoelen, tolerantie voor het
kind vergroot.
-
Benadruk de bedrevenheid in logische vaardigheden door
situaties te scheppen waarin tijdens het leren
samengewerkt moet worden vooral wanneer de
leesvaardigheid, woordenschat en geheugen gezien zal
worden als een voordeel bij leeftijdsgenoten, daardoor
zal het kind eerder geaccepteerd worden.
- De
meeste kinderen willen wel vrienden hebben, maar weten
eenvoudig niet hoe ze contacten moeten leggen. Hun moet
geleerd worden hoe ze op sociale signalen moeten
reageren. Leer de kinderen wat te zeggen en hoe ze
moeten zeggen.
- Doe
rollenspelen. Het sociale oordeel van deze kinderen
verbetert alleen wanneer ze de sociale regels geleerd
hebben die andere kinderen intuďtief oppikken.
- Hoewel
ze een persoonlijk begrip missen van de gevoelens van
anderen, kunnen kinderen met het Asperger Syndroom leren
hoe ze op de juiste wijze moeten reageren. Wanneer ze
onbedoeld beledigend, tactloos of ongevoelig zijn
geweest, moet het hen uitgelegd worden waarom de reactie
niet goed was en welke reactie wel goed geweest zou
zijn. Ze moeten sociale vaardigheden bewust leren. Ze
missen een sociaal instinct en intuďtie.
- Oude
leerlingen met Asperger Syndroom kunnen voordeel hebben
van een gewone leerling die hen steeds begeleidt, een
buddy. De leraar kan een gevoelige, medeleerling
uitleggen in welke situatie de leerling met Asperger
Syndroom zit en naast elkaar zetten. De klasgenoot kan
een oogje op zijn medeleerling houden in de bus, pauzes,
kantine, gangen en op het plein. Hij kan proberen hem
mee te laten doen met allerlei activiteiten op school.
- Ze
neigen ernaar zich af te zonderen; de leraar moet dus
betrokkenheid met en van anderen aanmoedigen. Moedig
actieve socialisatie aan en beperk de tijd die besteed
wordt in het alleen bezig zijn met de eigen interesses.
|
| |
|
Beperkt gebied van interesses
Kinderen met Asperger
Syndroom worden helemaal in beslag genomen door zonderlinge
bezigheden of zijn soms intens gefixeerd op vreemde
bezigheden. Ze neigen ernaar “lezingen” te geven over hun
speciale interesses zonder daarbij rekening te houden met
gevoelens en belangstelling van anderen. Ze vragen steeds
maar door over hun interesses. Ze hebben er moeite mee om
van idee af te stappen. Ze volgen hun eigen aandrang los van
wat voor eisen aan hun gesteld worden. Soms weigeren ze iets
te leren wat buiten hun speciale interessegebied ligt.
|
| |
|
Hoe te
handelen
- Sta
het kind niet toe aanhoudend alleen maar te praten of
vragen te stellen over hun geďsoleerde belangstelling.
Beperk dit door een bepaalde tijd van de dag aan te
wijzen waar het kind over deze onderwerpen kan praten.
Gebruik van positieve versterking die selectief gericht
is om te komen tot gewenst gedrag is de beslissende
werkwijze om het kind te helpen.
- Deze
kinderen reageren op complimenten. Deze kinderen moeten
geprezen worden voor eenvoudig, voor iedereen normaal
sociaal gedrag. Gedrag waar bij andere kinderen zonder
meer van uit gegaan wordt.
-
Sommige kinderen willen geen opdracht doen die buiten
hun interessegebied ligt. Er moeten duidelijke
verwachtingen over het gewone schoolwerk genoemd worden.
Het moet voor het kind erg duidelijk zijn dat hij niet
de baas is en dat hij duidelijke schoolregels moet
opvolgen.
- Komt
het kind gelijktijdig halverwege tegemoet door hem
gelegenheid te geven zijn eigen interesses na te
streven.
- Voor
erg weerspannige kinderen kan het nodig zijn in het
begin de opdrachten op het kind toe te snijden en in
verband te brengen met hun speciale interesses.
Introduceer langzamerhand andere onderwerpen bij de
opdrachten.
-
Studenten kunnen opdrachten krijgen die verband houden
met hun interesses. Tijdens een onderwerp over sociale
studies over een speciaal land. Gebruik de gefixeerdheid
van het kind op een bepaald onderwerp om hun
interessegebied uit te breiden naar andere gebieden.
|
| |
|
Slechte concentratie
Kinderen met Asperger
Syndroom zijn door interne prikkels, snel afgeleid van hun
werk. Ze kunnen hun werkzaamheden vaak slecht organiseren.
Ze hebben het er moeilijk mee om op de klassenactiviteiten
gericht te blijven, meestal is de concentratie niet slecht,
maar hun waarneming van de activiteiten is vreemd. Ze kunnen
niet goed nagaan wat relevant is. De aandacht is dan wel
eens gericht op prikkels die niet ter zake zijn. Ze neigen
ernaar zich in hun eigen complexe wereld terug te trekken op
een veel intensere manier dan het typisch dagdromen. Ze
hebben er moeite mee om in een groepssituatie te leren. |
| |
|
Hoe te
handelen
- Wil
het kind in de klas productief zijn, dan moet er een
grote mate gereglementeerde structuur in de klas zijn.
Opdrachten moeten in kleine stukken verdeeld worden. De
leraar moet veelvuldig controleren en bespreken en zo
nodig bijsturen.
-
Kinderen met ernstige concentratieproblemen hebben er
voordeel bij wanneer de werksessies precies afgebakend
zijn in de tijd. Dit helpt hen met hun eigen
organisatie. Klassenwerk dat binnen deze tijd niet af is
moet afgemaakt worden in de eigen tijd van het kind.
Kinderen met Asperger Syndroom kunnen soms heel koppig
zijn. Voor hen is het nodig dat er duidelijke
verwachtingen gesteld worden en een gestructureerd
programma. Dat leert hen dat het nakomen van regels
leidt tot positieve versterking.
-
Slechte concentratie, de langzame geestelijke snelheid
en ernstige desaorganisatie, het nodig maken zijn
huiswerk of klassenwerk te verminderen. Er moet dan een
hulplokaal in gebruik worden waar een speciale leraar
voor de extra structuur kan zorgen. De extra structuur
die het kind nodig heeft om het klassenwerk of huiswerk
te kunnen maken.
- Geef
het kind een plaats vooraan in de klas en stel hem
regelmatig vragen om hem te helpen bij de les te
blijven.
-
Bespreek een niet-verbaal signaal met het kind wanneer
het kind niet oplet.
- Als de
leerling begeleidt wordt door een medeleerling (buddy),
moeten beide leerlingen naast elkaar zitten, zodat de
begeleider de leerling eraan kan herinneren bij de
opdracht of bij de les te blijven.
- De
leraar moet het kind met Asperger Syndroom actief
aanmoedigen om ervoor te zorgen dat het kind zijn
innerlijke gedachten/ fantasieën achter zich laat en
weer gericht wordt op de echte wereld. Dit is een
voortdurend gevecht, want het comfort van de innerlijke
wereld lijkt veel aantrekkelijker dan al het andere in
de echte wereld. Moedig het kind aan om een bordspel te
doen met een of meer anderen onder begeleiding. Dit
structureert niet alleen het spel maar geeft ook een
mooie gelegenheid om sociale vaardigheden te oefenen.
|
| |
|
Slechte coördinatie van de bewegingen
Kinderen met Asperger
Syndroom zijn lichamelijk onhandig; ze lopen onhandig op een
soms plechtige manier; ze hebben geen succes in spellen
waarin bewegingsvaardigheden een rol spelen; ze ondervinden
tekorten in de fijne motoriek dat er de oorzaak van kan zijn
dat het handschrift slecht is, het kan hun mogelijkheden om
te tekenen aantasten. |
| |
|
Hoe te
handelen
-
Verwijs het kind naar aangepaste gymlessen als de
problemen met de grove motoriek ernstig zijn.
- Laat
het kind meedoen bij fitness/krachttraining, in plaats
van een sportprogramma waarbij veel competitie is.
- Dwing
het kind niet om mee te doen met competitiesporten, want
zijn of haar slechte motoriek roept alleen maar
frustratie op en geplaag van de teamgenoten. Het kind
mist het sociale begrip om zijn eigen acties af te
stemmen op die van de anderen in het team.
- Voor
kinderen kan het noodzakelijk zijn een individueel
schrijfprogramma te volgen dat leidt tot overtrekken en
namaken op papier, gecombineerd met bewegingspatronen op
het bord. De leraar leidt de hand van de leerling
herhaaldelijk om letters en lettercombinaties te maken
en door ook een woord voor woord handschrift te
gebruiken. Als het kind het schrift uit het hoofd heeft
geleerd kan hij of zij zichzelf zelfstandig door letters
formaties heen werken.
- Als
het kind opdrachten krijgt die binnen een bepaalde tijd
af moeten zijn, dan moet er rekening worden gehouden met
het langzame schrijven.
- Ze
kunnen meer tijd nodig hebben dan hun leeftijdsgenoten
om examens te maken.
|
| |
|
Moeilijkheden op school
Kinderen met het
Asperger Syndroom hebben meestal een gemiddeld tot
bovengemiddelde intelligentie maar missen het denken op een
hoger niveau en de vaardigheden om zaken te begrijpen. Ze
neigen ernaar om alles letterlijk te nemen. De beelden die
ze gebruiken zijn concreet en hun abstractievermogen is
slecht. Hun geleerde manier van spreken en hun
indrukwekkende woordenschat, wekken de verkeerde indruk dat
ze begrijpen wat ze zeggen. Het kan in werkelijkheid heel
goed zijn dat ze alleen maar napraten wat ze hebben gehoord
of gelezen. Het kind heeft vaak een uistekend geheugen voor
stampwerk. Maar het geheugen is mechanisch. Dat betekent dat
het kind kan antwoorden alsof er een band wordt afgedraaid.
De gegevens kunnen alleen maar achter elkaar eruit komen. De
vaardigheden om problemen op te lossen zijn meestal slecht. |
| |
|
Hoe te
handelen
- Zorg
voor een zo individueel gericht schoolsprogramma dat er
op gericht is om steeds successen te behalen. Het kind
heeft een te grote motivatie nodig om niet zijn of haar
eigen impulsen te volgen. Leren moet beloond worden en
mag geen angst veroorzaken. Ga er niet van uit dat
kinderen ook begrijpen wat ze napraten ( is
nappapegaaien).
- Biedt
extra uitleg en probeert te vereenvoudigen als de
lesstof abstract is. Slaat munt uit het uitzonderlijke
geheugen dat deze kinderen hebben. Het onthouden van
feitelijke informatie is vaak hun sterke kant.
-
Gevoelsnuances, diepere betekenissen, relationele
onderwerpen (zoals in romans) zullen vaak niet begrepen
worden.
- Het
schriftelijke werk vertoont vaak weinig variatie, vliegt
van het ene onderwerp naar het andere en bevat woorden
met een verkeerde gevoelswaarde. Deze kinderen kennen
vaak niet het verschil tussen algemene kennis en
persoonlijke ideeën en nemen aan dat de leerkracht hun
soms cryptische manier van uitdrukken begrijpt.
- Deze
kinderen zijn heel goed in het herkennen bij het lezen,
maar hun taalbegrip is zwak. Neem niet aan dat ze
begrijpen wat ze zo vloeiend lezen.
-
Schoolwerk kan van slechte kwaliteit zijn omdat het kind
niet gemotiveerd is om zich erg in te zetten op gebieden
waar hij of zij niet in geďnteresseerd is. Je moet
duidelijke eisen stellen aan het werk dat geproduceerd
moet worden. Werk dat binnen een bepaalde tijd gedaan
moet worden, moet niet alleen volledig zijn maar ook
zorgvuldig uitgevoerd worden. Deze kinderen moeten weten
dat slecht uitgevoerd werk verbeterd moet worden in de
tijd waarin hij normaal met zijn eigen interesses bezig
is.
|
| |
|
Emotionele kwetsbaarheid
Kinderen met het
syndroom van Asperger zijn intelligent genoeg om mee te
komen in het normale onderwijs, maar ze hebben niet de
emotionele vindingrijkheid om opgewassen te zijn tegen de
eisen van de klas als groep.
Omdat deze
kinderen weinig flexibel zijn kunnen ze gemakkelijk
gespannen raken. Hun zelfrespect is laag, ze hebben vaak
veel zelfkritiek en mogen van zichzelf geen fouten maken.
Deze kinderen, vooral adolescenten, zijn gevoelig voor
depressies, woede uitbarstingen zijn gewoon als reactie op
stress/frustratie. Deze kinderen lijken zelden ontspannen te
zijn en raken gemakkelijk van slag als dingen niet gaan
volgens hun starre denkbeelden.
Omgaan met
mensen en opgewassen zijn tegen de gewone eisen van het
dagelijkse leven vereisen steeds een reuzeninspanning. |
| |
|
Hoe te
handelen
-
Voorkom uitbarstingen door uitermate consequent te zijn.
Bereidt deze kinderen voor op wijzingen in de dagelijkse
gang van zaken, zodat er minder spanningen ontstaat.
- Ze
worden meestal angstig, boos en van streek bij
geforceerde of onverwachte veranderingen.
- Leer
de kinderen hoe ze met spanningen kunnen omgaan, om
uitbarstingen te voorkomen. Help het kind met het
schrijven van een lijst erg concrete stappen die gezet
moeten worden wanneer hij of zij van streek raakt. Neem
een reeks van handelingen op in de lijst die het kind
plezierig vindt. Schrijf deze stappen op een kaart die
het kind bij zich heeft.
-
Ontroering/emotie in de stem van de leraar moet vermeden
worden. Wees kalm, voorspelbaar en ter zake in de
interactie met het kind, terwijl gelijktijdig duidelijk
meelevend en geduld wordt getoond. Zoals deze kinderen
de gevoelens van anderen niet goed waarnemen, zo zijn ze
zich ook niet goed bewust van hun eigen gevoelens. Vaak
verbergen ze hun depressie en ontkennen de symptomen.
Leraren moeten bedacht zijn op veranderingen in het
gedrag die mogelijk wijst op een depressie. Deze
veranderingen kunnen zijn een nog grotere mate van
desorganisatie, onoplettendheid en isolatie; lagere
spanningsdrempel; chronische moeheid; schreeuwen;
opmerkingen over zelfmoord etc. Accepteer niet de
beoordeling van het kind zelf in deze situatie dat
hij/zij is: “OK”.
-
Verwijs het kind door naar de gezondheidsdienst zodat
het kind onderzocht kan worden op depressie en
behandeling kan krijgen als dat noodzakelijk is.
- Omdat
deze kinderen niet in staat zijn hun eigen gevoelens in
te schatten, vast te stellen, en geen steun bij anderen
kunnen zoeken is het erg belangrijk dat de depressie
snel vastgesteld kan worden.
- Wees
ervan bewust dat jongeren, adolescenten in het bijzonder
gevoelig zijn voor depressies. Sociale vaardigheden
worden hoog gewaardeerd in de periode van volwassenen
worden en de student met Asperger realiseert zich dat
hij of verschillend is en moeilijk normale relaties kan
hebben. Het werk op school wordt meer en meer abstract
en de jongere vindt opdrachten moeilijker en complexer.
- Het is
van groot belang dat jongeren die in het gewone
onderwijs zitten een aangewezen staflid/leraar hebben
met wie ze tenminste 1 keer per dag alles door kunnen
nemen. Hij of zij kan dan inschatten hoe goed hij of zij
zich weet te redden door hem dagelijks te ontmoeten en
door informatie van andere leraren te krijgen.
- Deze
kinderen moeten bijles kunnen krijgen zodra
moeilijkheden op een bepaald gebied waargenomen worden.
Deze kinderen zijn gemakkelijk overmand en reageren veel
ernstiger op mislukking dan anderen kinderen.
- Deze
kinderen die emotioneel erg broos zijn kunnen mogelijk
in een speciale goed gestructureerde klas geplaatst
worden, waar een individueel schoolsprogramma kan worden
aangeboden.
- Deze
kinderen hebben een leeromgeving nodig waarin ze
zichzelf als bekwaam en productief zien. Dus heeft het
geen zin om ze in het reguliere onderwijs te houden waar
ze geen vat hebben op denkbeelden en opdrachten niet af
kunnen maken. Het heeft alleen maar tot gevolg dat ze
mindere zelfacceptatie hebben, dat ze zich meer
terugtrekken en dat de bodem gelegd wordt voor een
depressieve stoornis.
- Ze
worden zo gemakkelijk overmand door spanningen in de
omgeving en ze hebben een dergelijk ernstig gebrek in de
mogelijkheid om persoonlijke relaties op te bouwen, dat
geen wonder is dat ze de indruk geven van “broze
kwetsbaarheid”.
-
Leraren kunnen een belangrijke rol spelen om kinderen
met Asperger te helpen een plekje te geven in de wereld
om hen heen te vinden. Omdat deze kinderen vaak niet in
staat zijn om hun angsten en zorgen uit te drukken,
moeten volwassenen die voor hen belangrijk zijn, het de
moeite waard maken om hun veilige innerlijke
fantasieleven te verlaten voor de onzekerheden van de
wereld om hen heen. Professionele hulpverleners die met
deze jongeren werken moeten de externe structuur,
organisatie en stabiliteit aanbieden die zij missen. Het
gebruik van creatieve leer- en strategieën bij personen
met Asperger Syndroom is cruciaal, niet alleen om
schoolse successen aan te bieden, maar ook hen te helpen
zich minder anders te voelen dan andere mensen en minder
overmand te worden door de gewone eisen van alle dag.
|
| |
|
Door Sandra Wenneker,
specialist op het gebied van de sociaal-emotionele
ontwikkeling op het OPDC Zuidoost Drenthe |